Frits
“Soms irriteer ik mij echt een beetje aan het kinderlijke schrijven en de bejegening.”
Auw.
Als je een boek schrijft, bereidt niemand je erop voor dat je, zodra het boek er eenmaal ligt, ook daadwerkelijk feedback gaat krijgen.
Mijn brein doet daar vervolgens iets interessants mee.
Het begint te puzzelen, te malen én te onderhandelen.
Ik dacht toch echt dat ik niet kinderlijk schreef.
Misschien ligt het gewoon aan diegene.
Zal wel niet gewend zijn om dit type boek te lezen.
Maar als je dit soort feedback vaker krijgt, ontstaat er langzaam een ander inzicht.
Ik denk inmiddels te weten waar die irritatie vandaan komt.
Frits.
Voor de mensen die mijn boek niet hebben gelezen: even een korte uitleg.
Het hoofdpersonage in Het Kronkelpad wordt uitgenodigd om zijn innerlijke stem een naam te geven. Om die stem te observeren alsof je naar een vriend luistert.
Bij mij heet die stem Frits.
En Frits krijgt vervolgens een nogal prominente rol in het boek.
Dat triggert mensen blijkbaar.
Wat ik eigenlijk ontzettend grappig vind.
That’s the point.
Wanneer je de innerlijke stem van iemand anders observeert, klinkt die namelijk al snel een beetje neurotisch.
Zenuwachtig.
Onzeker.
Soms boos.
En vooral: nogal irritant.
Maar bij onszelf vinden we diezelfde stem vaak volkomen normaal.
Sterker nog: we nemen hem regelmatig aan voor de waarheid.
Bijzonder wat voor perspectief er ontstaat met een beetje afstand.
Een boek dat mij hier enorm over heeft laten nadenken is The Finders van Jeffrey Martin. Hij onderzocht onder andere wat mensen die zich uitzonderlijk gelukkig voelen met elkaar gemeen hebben.
Een van de dingen die hij beschrijft, is dat deze mensen hun innerlijke stem kunnen waarnemen zonder zich er volledig mee te identificeren.
Oftewel:
Ze hebben Frits nog steeds.
Ze denken alleen niet dat ze Frits zijn.
En dat vond ik fascinerend.
Martin beschrijft de innerlijke stem als een systeem dat ooit is ontstaan om problemen op te lossen. Volgens hem voelt het oplossen van problemen goed. Je brein reageert daarop met een soort beloning.
Dus leert het systeem:
Probleem opgelost = fijn.
En wat gaat een systeem doen dat daar goed op gaat?
Juist.
Nieuwe problemen zoeken.
Volgens Martin doet die stem vervolgens grofweg drie dingen: problemen oplossen, verhalen vertellen en doen alsof hij je verzorger is.
Hij vertelt je waarom iets gebeurt.
Wat er mis kan gaan.
Wat jij zou moeten doen.
En natuurlijk doet hij dat allemaal voor jouw eigen bestwil.
Hij wil je immers helpen.
Beschermen.
Voorkomen dat het weer misgaat.
En als jij vervolgens naar hem luistert en daarnaar handelt, ontstaan er vanzelf weer nieuwe dingen om op te lossen.
Probleem.
Oplossing.
Beloning.
Nieuw probleem.
Nieuwe oplossing.
En zo blijven we rondjes lopen.
Welkom in Circus Frits!
Vanuit dat perspectief is het ineens een stuk grappiger om naar je innerlijke stem te luisteren.
Vandaar ook dat mensen zoals Michael Singer je uitnodigen om die innerlijke stem een naam te geven.
En eventueel de simpele vraag te stellen:
“Zou ik een vriend zo tegen mij laten praten?”
Bij mij is het dus Frits.
En Frits komt in volle glorie terug in Het Kronkelpad.
Alleen ontstaat daar vervolgens een nieuw probleem.
Want zodra je Frits van een afstandje begint te observeren, kun je je behoorlijk aan hem gaan ergeren.
Lieve help, wat is Frits toch irritant.
Is hij daar alweer?
Hij houdt niet op joh!
En daar zit een prachtige valkuil.
Want wat gebeurt er als je besluit dat Frits irritant is?
Dan wil je van Frits af.
Dus ga je proberen hem stil te krijgen.
Meer mediteren.
Minder denken.
Meer rust.
Beter luisteren naar je gevoel.
En dan hoor je:
“Lieve help wat is Frits toch irritant.”
“Helemaal met je eens. Super irritant. We zouden hem stil moeten krijgen. Misschien meer mediteren. Zeg, waarom mediteer jij eigenlijk niet meer? Zou je wel moeten doen hoor.”
Gefeliciteerd.
Je bent weer met Frits in gesprek.
Sterker nog: Frits heeft zojuist een nieuw probleem gevonden om op te lossen.
En hij is zo blij als een spin.
Dus misschien is de oplossing helemaal niet om Frits weg te krijgen.
Misschien hoeft hij niet stil.
Misschien hoeft hij zelfs niet minder aanwezig te zijn.
Misschien mag Frits er gewoon zijn.
Een beetje zenuwachtig.
Een beetje neurotisch.
Soms boos.
Soms bezorgd.
En soms ontzettend overtuigd van zijn eigen gelijk.
Je hoeft alleen niet alles te geloven wat hij zegt.
Frits heeft soms gewoon even een knuffel nodig en de geruststellende tekst:
“Komt wel goed, schatje.”
En ondertussen ga jij lekker verder.
Want jij bent niet Frits.
Jij bent degene die Frits kan waarnemen.
En eerlijk gezegd vind ik dat inmiddels een van de leukste dingen aan mijn eigen boek.
Ik schreef een verhaal over een man die in gesprek gaat met zijn innerlijke stem en leert met hem te leven.
En vervolgens krijg ik feedback van mensen die zich ontzettend aan die stem ergeren.
Misschien is dat dus helemaal geen slechte feedback.
Misschien is Frits gewoon goed in zijn werk.
Wil je nog wat verder verdwalen in keuzes, kronkels, vertrouwen en de merkwaardige gebruiksaanwijzing van het menselijk brein?
~ Filip Zijlstra